computerwoorden.nl
Protocollen woordenboek
Home | Sitemap | Zoektips | | Blog

Protocollen

ICA

  • Independent Computing Architecture
Protocol van het bedrijf Citrix voor het pakket WinFrame. Met de ICA-client kunnen Windows-applicaties gebruikt worden op bijvoorbeeld SUN-werkstations, HP workstations en andere UNIX-varianten, maar ook op DOS-, Macintosh- en andere werkplekken.

ICA

  • Independent Client Architecture
Protocol van Citrix voor het emuleren van Windows op een terminal, vergelijkbaar met X-Windows op UNIX-systemen. De applicatie draait op een speciale server met WinFrame, waarbij alleen de gebruikersinterface, de toetsaanslagen en de muisbewegingen over de netwerkverbinding worden gestuurd. Hierdoor kan ICA zelfs over langzame verbindingen dienst doen. Het ICA-protocol maakt het mogelijk om Windows 2000 en .NET toepassingen aan te bieden aan allerlei soorten werkplekken, van PDA's tot en met Linux-werkplekken. Verder biedt het Citrix-ICA protocol allerlei voordelen boven het Microsoft RDP-protocol. Zorgt voor het transport van beeldscherminformatie, muisklikken en toetsenbordaanslagen van en naar de interface van de client. Server-Based Computing biedt daardoor beter beheer, makkelijker toegang, een hogere performance en meer veiligheid voor uw netwerk, waardoor de totale kosten gereduceerd worden. Belangrijk is ook dat dit gerealiseerd kan worden binnen een bestaande ICT-infrastructuur, de huidige computerstandaarden en met alle (bedrijfskritische) applicaties die zowel nu als in de toekomst gebruikt gaan worden. De Citrix ICA Client-software is beschikbaar voor nagenoeg elk besturingssysteem, omdat Citrix besturingsplatformen als Windows, non-Windows (DOS, Linux, Mac, Unix, Java, Epoc32, OS/2) en thin-clients (Windows-based terminals, wireless devices, information appliances) ondersteunt. Daarnaast kan de Citrix functionaliteit worden aangeboden over vrijwel elk type netwerkconnectie (Dial-up, LAN, WAN, wireless internet/intranet, Frame Relay, Satellite) en bijna elk netwerkprotocol (Direct Asynchronous, IPX, SPX, TCP/IP, NetBEUI). Het doel van Citrix is dan ook om functionaliteit te bieden aan gebruikers, onafhankelijk van werkplek, locatie, type client en netwerk, waarbij alle processen centraal op een server plaatsvinden.

ICAP

  • Internet Calendar Access Protocol
Standaard van Lotus.

ICAP

  • Internet Content Adaptation Protocol
Het Internet Content Adaptation Protocol nestelt zich op de cacheserver van een internetaanbieder of contentprovider. Vervolgens houdt het bij waar de internetter heen klikt. Na tien pagina's op een sportsite bekeken te hebben, verschijnt bijvoorbeeld een advertentie van een sportblad.

ICE-protocol

  • Information and Content Exchange
Protocol waarmee over en weer vertrouwelijke informatie kan worden uitgewisseld tussen de gebruiker en website.

ICMP

  • Internet Control Message Protocol
IP en andere hoge protocollen gebruiken het Internet Control Message Protocol om statusrapporten te ontvangen over verzonden informatie. ICMP wordt over het algemeen gebruikt tussen twee routers om te bepalen hoe snel informatie tussen twee computers wordt verzonden. Als een router teveel verkeer ontvangt van andere hosts of datagrammen ontvangt in een tempo dat te hoog ligt om ze te verwerken, kan de router een ICMP-foutbericht sturen naar de host waarvan hij deze gegevens ontvangt. In het bericht wordt de computer gevraagd de informatie in een iets gematigder tempo te vesturen.

ICP

  • Interplanetary Channel Protocol
Het Interplanetary Channel Protocol moet ruimtereizigers in staat stellen om vanuit iedere hoek van het zonnestelsel e-mail te lezen, te chatten met het thuisfront op aarde en de Beste Bits op Saturnus te kunnen downloaden. De Amerikaanse overheid is al druk doende om cyberspace in de echte kosmos mogelijk te maken.

IDRP

  • InterDomain Routing Protocol
Routing protocol gebaseerd op het IP Border Gateway Protocol, waarbij relatief weinig routeinformatie moet worden uitgewisseld.

IFCP

  • Internet Fibre Channel Protocol
Techniek om een storage-netwerk te bouwen. Bij IFCP worden Fibre Channel commando's via ISCSI verstuurd over een IP-netwerk.

IGMP

  • Internet Group Management Protocol
Hosts op een lokaal netwerk gebruiken het IGMP om zichzelf in gorepen te registreren. De routers op het lokale netwerk gebruiken die groepsinformatie om mulitcast-gegevens te versturen naar alle hosts die zijn geregistreerd in een bepaalde groep.

IGRP

  • Interior Gateway Routing Protocol
Geavanceerd distance vector routing protocol dat door Cisco is ontwikkeld. IGRP wordt gebruikt op IP-netwerken die een simpel, robuust en schaalbaar routing protocol nodig hebben. IGRP kan samenwerken met IP RIP, OSPF en Enhanced IGRP. IGRP ondersteunt g

IIOP

  • Internet Inter-Operability Protocol
  • Internet Inter Orb Protocol
Internetprotocol voor het verwerken van object-informatie.

IISP

  • Interim Inter-switch Signaling Protocol
Om grotere netwerken mogelijk te maken moeten de ATM-switches onderling kunnen communiceren. Een standaard hiervoor heeft lang op zich laten wachten. Als tussenoplossing is het IISP gedefinieerd. Hierbij moeten de route-tabellen nog handmatig worden bijgewerkt, wat het onderhoud van grote ATM-netwerken zeer gecompliceerd maakt. IISP maakt echter wel het koppelen mogelijk van ATM-netwerken van verschillende fabrikanten.

iKB

Een door IBM ontwikkeld protocol dat een veilige manier aanbiedt om op Internet elektronische betalingen te verrichten.

IMAP

  • Internet Message Access Protocol
Een protocol voor het ontvangen van e-mail net zoals Post Office Protocol (POP). Met IMAP kun je echter meer, zoals het op trefwoord doorzoeken van berichten terwijl deze nog op de mailserver bij je provider staan. Het protocol maakt de directe toegang tot mail mogelijk, terwijl deze nog op de server is opgeslagen. Het voordeel is dat u uw berichten doelgericht kunt doorzoeken en alleen uitgekozen berichten naar uw lokale computer kunt overdragen. De op de server aanwezige berichten kunnen bij dit protocol in gebruikersspecifieke folders worden geplaatst.

IMAP4

  • Internet Message Access Protocol versie 4
  • RFC 1730
Een Internet-overdrachtsprotocol dat clients in staat stelt berichten te benaderen en te bewerken in hun mailbox op een externe server. IMAP4 biedt meer functies dan POP3, zoals toegang tot sub-mappen (niet alleen de map Inbox) en de mogelijkheid selectief berichten te downloaden.

INAP

  • Intelligent Network Application Protocol
ETSI-definitie van een protocol voor een toepassingsprogramma voor IN. De zogenaamde Core INAP betreft de basissubset van CS-1.

Industriestandaards

Afspraken die tussen de grote spelers in de automatisering worden gemaakt, waardoor iedereen geneigd is die te volgen in de praktijk.

INS-Net64

ISDN-protocol voor het D-kanaal in Japan.

Internet Content Adaptation Protocol

  • ICAP
Het Internet Content Adaptation Protocol nestelt zich op de cacheserver van een internetaanbieder of contentprovider. Vervolgens houdt het bij waar de internetter heen klikt. Na tien pagina's op een sportsite bekeken te hebben, verschijnt bijvoorbeeld een advertentie van een sportblad.

Internet Control Message Protocol

  • ICMP
Een onderhoudsprotocol in de TCP/IP-reeks dat in elke TCP/IP-toepassing is vereist. Dankzij dit protocol kunnen twee knooppunten op een IP-netwerk de IP-status- en foutinformatie delen. ICMP wordt met het hulpprogramma Ping gebruikt om de leesbaarheid van een extern systeem te controleren.

Internet Message Access Protocol 4

  • IMAP 4
Een Internet-overdrachtsprotocol dat clients in staat stelt berichten te benaderen en te bewerken in hun mailbox op een externe server. IMAP4 biedt meer functies dan POP3, zoals toegang tot submappen (niet alleen de map Inbox) en de mogelijkheid selectief berichten te downloaden.

Internet Relay Chat

  • IRC
Een Internet-protocol dat wordt gebruikt om op tekst gebaseerde, real-time conversaties via een netwerk (of netwerken) mogelijk te maken. Conversaties worden chats of sessies genoemd. De verzameling van een aantal chats over een bepaald onderwerp wordt een channel genoemd.

Internetwork Packet EXchange

  • IPX
Een protocol dat de gegevensuitwisseling binnen meerdere netwerken mogelijk maakt. IPX is gebaseerd op Xerox Corporation's Internetwork Packet Protocol, afgeleid van Xerox Network Systems (XNS), Internet Datagram Protocol (IDP). IPX werkt met netwerkadressen en is verantwoordelijk voor de communicatie van de processen binnen een node.

IP

  • Internet Protocol
IP is een verbindingsloos protocol dat datagrammen gebruikt om gegevens van het ene netwerk naar het volgende netwerk te versturen. IP verwacht geen ACK (Acknoledgement, bevestiging). De bronhost weet dus niet zeker of de doelhost de doorgestuurde pakketten ontvangt. Het gebruik van bevestigingen en het opnieuw verzenden van gegevens wordt overgelaten aan protocollen en processen die actief zijn in de hogere niveaus van het model. Als een toepassing UDP via IP gebruikt (beide protocollen zijn onbetrouwbaar), is het de taak van de toepassing of service om ervoor te zorgen dat de pakketten, in de juiste volgorde op de bestemming aankomen. Dit principe zorgt ervoor dat de overdracht sneller verloopt en dat de netwerkoverhead lager is, maar zorgt voor extra overhead voor de toepassing.
IP-header van een IP-datapakketje.
IP-header van een IP-datapakketje.

IP-header
Onderdeel Betekenis
Version Een 4-bit veld met de versienummer van het IP protocol, voor IPv4 is dit dus 4.
IHL Internet Header Length, geeft aan de lengte van de internet header in 32-bit words (4 bytes). De minimale grootte is 20 bytes (dus waarde 5).
TTL De Time To Live heeft twee functies:
  1. Een maximale leeftijd toevoegen aan de bovenliggende pakketjes (bijvoorbeeld TCP-segmenten).
  2. Ter voorkoming van oneindige loops binnen het netwerk.
Identification Het veld Identification wordt door de verzender ingevuld voor het samenvoegen van gefragmenteerde datagrammen. De meeste systemen tellen één op voor elk pakket die ze verzenden.
Fragment Offset Dit wordt gebruikt voor fragmentatie en het samenvoegen van de ip-datagrammen. Dit geeft aan waar het pakketje in de originele datagram thuis hoort. De Fragment Offset wordt aangeven in eenheden van 8 bytes.

IP Next Generation

  • Ipng
IPv6 RFC 1883. De huidige groei (1999) van internet is gebaseerd op technieken, die tientallen jaren zijn ontwikkeld. Technische aanpassingen zijn noodzakelijk om aan de veranderde eisen en verwachtingen te voldoen. Een groeiend aantal gebruikers moet te bereiken en dus te adresseren zijn. Om aan deze eis te voldoen heeft het IETF een verbeterde versie van het Internet Protocol (IP) beschreven en inmiddels gestandaardiseerd. De huidige (1999) versie van IP is versie 4, aanduiding IPv4 RFC 791. Het succes en de evolutie van IP sinds 1975 vereisen een nieuwere versie. De nieuwe versie wordt IPv6 genoemd of wel IP versie 6. Een van de belangrijkste uitgangspunten bij IPv6 zijn de zogenaamde transitiemechanismen, die een eenvoudige upgrade van IPv4 naar IPv6 en interoperabiliteit tussen de versies IPv4 en IPv6 moeten garanderen.

IPAD

  • Internet Protocol Adapter
Een op software gebaseerde IP-router voor TBBS. De IPAD biedt volledige Internet-functionaliteit voor ieder TBBS-systeem.

IPCP

  • Internet Protocol Control Protocol
Het Internet Protocol Control Protocol, gespecificeerd in RFC 1332. Dit protocol is verantwoordelijk voor het configureren en in- en uitschakelen van de IP-protocolmodules aan beide zijden van de Point-to-Point-koppeling.

IPFC

  • IP over Fibre Channel
IPFC draait bovenop het Fibre Channel protocol en maakt van dezelfde IP-adressen en masking gebruik. IPFC wordt gebruikt voor beheer van in-band FC-devices, offloading bakup verkeer of het verbinden van systemen over lange afstand.

IPng

  • IP Next Generation
IPv6 RFC 1883. De huidige groei (1999) van internet is gebaseerd op technieken, die tientallen jaren zijn ontwikkeld. Technische aanpassingen zijn noodzakelijk om aan de veranderde eisen en verwachtingen te voldoen. Een groeiend aantal gebruikers moet te bereiken en dus te adresseren zijn. Om aan deze eis te voldoen heeft het IETF een verbeterde versie van het Internet Protocol (IP) beschreven en inmiddels gestandaardiseerd. De huidige (1999) versie van IP is versie 4, aanduiding IPv4 RFC 791. Het succes en de evolutie van IP sinds 1975 vereisen een nieuwere versie. De nieuwe versie wordt IPv6 genoemd of wel IP versie 6. Een van de belangrijkste uitgangspunten bij IPv6 zijn de zogenaamde transitiemechanismen, die een eenvoudige upgrade van IPv4 naar IPv6 en interoperabiliteit tussen de versies IPv4 en IPv6 moeten garanderen.

IPP

  • Internet Printing Protocol
Hiermee kunt u altijd via een bepaalde printer afdrukken, waar ter wereld u zich ook bevindt. Met IPP hoeft u geen documenten meer af te drukken en te faxen - of het bestand te verzenden, zodat iemand anders het kan afdrukken - maar u kunt ze op afstand, met een hoge resoluite afdrukken (faxapparaten gaan gewoonlijk niet verder dan 200 dpi). Wanneer u niet fysiek aanwezig bent op kantoor, kan het problematisch zijn om achter de firewall van uw bedrijf te komen om te printen. IPP-achtige oplossingen weten dit te omzeilen door andere functies te gebruiken.

IPSec

  • IP Security
Beveiligingsprotocol. Een raamwerk van open standaarden die veilige verbindingen verzorgen over openbare netwerken zoals Internet.

IPv6

  • Internet Protocol Versie 6
Versie 6 van IP (Internet Protocol) ook wel IP Next Generation genoemd. Biedt de oplossing voor het adrestekort. Het nieuwe protocol adresseert met 128 bits, wat het aantal adressen praktisch onuitputtelijk maakt. Het is bovendien zo ontworpen dat het zowel op hogesnelheidsnetwerken als op trage verbindingen (draadloze communicatie) sneller kan functioneren dan zijn voorganger. Zo biedt IPv6 een efficiëntere routing van IP-pakketjes en een techniek genaamd 'flow labeling', waarbij bepaalde datastromen voorrang kunnen krijgen op Internet. Daardoor is IPv6 beter geschikt voor real-time video- en geluidscommunicatie (Web-tv) en voor communicatie met meerdere personen tegelijk.
IPv6 header.
IPv6 header.

IPv6 RFC 1883

  • Ipng
  • IP Next Generation.
De huidige groei (1999) van Internet is gebaseerd op technieken, die tientallen jaren zijn ontwikkeld. Technische aanpassingen zijn noodzakelijk om aan de veranderde eisen en verwachtingen te voldoen. Een groeiend aantal gebruikers moet te bereiken en dus te adresseren zijn. Om aan deze eis te voldoen heeft het IETF een verbeterde versie van het Internet Protocol (IP) beschreven en inmiddels gestandaardiseerd. De huidige (1999) versie van IP is versie 4, aanduiding IPv4 RFC 791. Het huidige succes en de evolutie van IP sinds 1975 vereisen een nieuwere versie. De nieuwe versie wordt IPv6 genoemd of wel IP versie 6. Tot de belangrijkste uitgangspunten bij IPv6 behoren de zogenaamde transitiemechanismen, die een eenvoudige upgrade van IPv4 naar IPv6 en interoperabiliteit tussen de versies IPv4 en IPv6 moeten garanderen.

IPX

  • Internetwork Packet eXchange
Het overdrachtsprotocol van Novell voor zijn netwerken. Een protocol dat de gegevensuitwisseling binnen meerdere netwerken mogelijk maakt. IPX is gebaseerd op Xerox Corporation's Internetwork Packet Protocol. Afgeleid van Xerox Network Systems (XNS), Internet Datagram Protocol (IDP). IPX werkt met netwerkadressen en is verantwoordelijk voor de communicatie van de processen binnen een node.

IPX/SPX

  • Internetwork Packet eXchange/Sequenced Packet eXchange
De volledige naam van het overdrachtsprotocol van Novell. Windows NT past IPX/SPX via NWLink toe.

IRC

  • Internet Relay Chat
Elektronische babbelbox van Internet. Een toepassing waarmee u direct kunt communiceren met andere gebruikers op het Internet. Door in te loggen op een IRC-server kunt u met meerdere mensen tegelijk, of met één netgebruiker apart, communiceren door getypte boodschappen uit te wisselen. IRC bestaat uit kanalen die ieder hun eigen onderwerp hebben zodat gerichte gesprekken en/of discussies kunnen plaatsvinden.

ISAKMP

  • Internet Security Assosiation and Key Management Protocol
Onderdeel van de IPSec-standaard (IP Security).