computerwoorden.nl
Processoren woordenboek
Home | Sitemap | Zoektips |

Processoren

Fault

Een exception die de processor herkent nog voordat hij de foutieve instructie uitvoert. Het terugkeeradres van de exception-handler verwijst dus naar de opdracht die de exception heeft veroorzaakt. Daardoor zal de processor na een return deze foutieve opdracht opnieuw uitvoeren. Kenmerkende faults zijn exceptions die ontstaan door extern opgeslagen pagina's. De exception-handler leest de ontbrekende pagina in en na een return voert de processor deze opdracht opnieuw uit. De gegevens zijn nu wel beschikbaar zodat de exception niet opnieuw optreedt.

FC-PGA

  • Flip-Chip Pin Grid Array
Processor aansluiting van Intel voor Socket 370.

FCFS

  • First come, first served
Een selectiefunctie bepaalt welk proces van alle gereedstaande processen als volgende wordt geselecteerd voor uitvoering. Deze functie kan worden gebaseerd op de prioriteit, de vereiste systeembronnen of de uitvoeringskenmerken van het proces. First Come, First Served verwijst naar deze selectiefunctie. De beslissingsmodus kan bestaan uit twee algemene categorieën:
  1. Niet-preëmptief:
    proces bevindt zich in toestand Actief, de verwerking wordt voortgezet totdat het proces wordt beëindigd of het zichzelf blokkeert om op I/O te wachten of door een bepaalde systeemdienst aan te roepen.
  2. Preëmptief:
    het proces dat op het moment wordt uitgevoerd, kan worden onderbroken en naar de toestand Gereed worden geplaatst door het besturingssysteem.

FDIV

Een bug in de Pentium 60 processor. De processor geeft afrondingsfouten in bepaalde berekeningen.

FEP

  • Front-end processor
Computersysteem dat belast is met het verwerken van protocollen.

Flag

Een boolean (ja/nee veld) in een programma met een signaalfunctie. Bijvoorbeeld: als de gebruiker een bestand opgeslagen heeft wordt de flag 'opgeslagen' op 'aan' gezet. Ook processors van flags. Zo is er een interrupt flag die aangeeft dat er iets gebeurt is waarvoor de processor zijn werkzaamheden moet onderbreken.

Flags

Alle processors kennen vlaggen die ze gebruiken om bepaalde beslissingen te kunnen nemen. Een 8086 (en hogere) processor kent een 10-tal vlaggen. Deze zijn:
  1. AF Auxilary Carry Flag
  2. CF Carry Flag
  3. OF Overflow Flag
  4. SF Sign Flag
  5. PF Parity Flag
  6. ZF Zero Flag
  7. DF Direction Flag
  8. IF Interrupt
  9. EF Enable Flag
  10. TF Trap Flag

Floating point

  • Drijvende komma
Representatiemethode voor decimale getallen in een computer.

FLOPS

  • Floating Point Operations Per Second
Maatstaf voor de rekensnelheid van een computer.

FP RF

  • Floating Point Register File
Onderdeel van Pentium 4 processor. Alle drijvende komma-berekeningen (floating point) vinden in dit deel van de CPU plaats. Twee eenheden zijn uitsluitend bezig met het verplaatsen en opslaan van data. Het toevoegen van deze twee move- en store-units leverde zoveel prestatie dat Intel het toevoegen van een tweede floating point-rekeneenheid achterwege liet, iets dat ze wel hebben overwogen. De rekeneenheid verwerkt gewoon floating point en de extra MMX-, SSE- en SSE2-instructies.

FPM

  • Field Programmable Microcontroller
Gemakkelijk programmeerbare Micro Controller.

FPU

  • Floating Point Unit
Officiële naam voor een mathematische coprocessor. Numerieke (co)processor. Die berekeningen als 1.23456 x 2.34567 volledig nauwkeurig uitvoeren. Het deel van de processor dat slechts met gehele getallen kan werken (integer unit) rekent met beperkte nauwkeurigheid en kan de berekening daarom niet maken. Omdat rekenen met gebroken getallen eerder regel dan uitzondering is bij driedimensionale afbeeldingen, maken 3D-kaarten volop gebruik van de FPU.

FSB

  • Front Side Bus
Verbinding tussen processor en chipset. De externe snelheid van de processor geeft de snelheid van de FSB.

Fysieke adresruimte

Het aantal fysiek adresseerbare bytes. Dit wordt bepaald door het aantal adreskanalen van de processor of de grootte van het geïnstalleerde geheugen.